Heb ik CVR?

Hart- en vaatziekten zijn de meest voorkomende ziekten in Nederland. Het gaat daarbij om ziekten als angina pectoris, hartinfarct, beroerte en perifeer vaatlijden (etalagebenen).


Een derde van de sterfgevallen wordt veroorzaakt door deze ziekten. De meeste hart- en vaatziekten ontstaan door het dichtslibben van slagaders als gevolg van slagaderverkalking (atherosclerose). Deze dichtslibbing wordt veroorzaakt door neerslag van vetten en cholesterol  in de vaatwand. De bloedvaten vernauwen zich met de jaren langzaam. Op deze beschadigde vaatwand kunnen vervolgens bloedstolsels ontstaan. Als een stukje bloedstolsel loslaat, kan dit door de bloedstroom worden meegevoerd, in een kleiner bloedvat vastlopen en het bloedvat afsluiten. Hierdoor krijgen de achterliggende organen, bijvoorbeeld het hart of de hersenen, te weinig of helemaal geen bloed meer. Een hart- en vaatziekte kan dan het gevolg zijn.

Wat merkt u van het vernauwen of dichtslibben van slagaders?

  • Het hart of de benen krijgen door de vernauwing van de bloedvaten onvoldoende zuurstof. Vooral bij inspanning kan een tekort aan zuurstof ontstaan omdat dan meer zuurstofrijk bloed nodig is. Als de vernauwing ernstig is, is er ook in rust een tekort aan zuurstof. Door dit tekort ontstaat pijn op de borst (angina pectoris, door zuurstofgebrek in de hartspier) of pijn in de benen (etalagebenen of perifeer vaatlijden door zuurstofgebrek in de benen).
  • Als een bloedvat langdurig verstopt raakt, meestal door een bloedstolsel, kan weefsel of een deel van een orgaan afsterven. De gevolgen zijn afhankelijk van het soort weefsel of orgaan.
  • Als de afsluiting plaatsvindt in de bloedvaten die het hart van zuurstof voorzien (kransslagaders), ontstaat een hartinfarct. Door een hartinfarct sterft een deel van de hartspier af, waardoor het hart soms minder goed kan werken (hartfalen). Bij hartfalen kunt u sneller vermoeid raken, zich minder goed inspannen of kortademig worden. Er is ook een grotere kans op problemen met het hartritme, vooral tijdens of direct na het hartinfarct. In sommige gevallen kan door een hartritmestoornis het hart helemaal geen bloed meer pompen (hartstilstand).
  • Als de afsluiting in de bloedvaten van de hersenen optreedt, ontstaat er een herseninfarct (beroerte of cerebrovasculair accident, CVA, genoemd). Verschijnselen hiervan kunnen onder andere zijn: plotselinge verlamming van arm en/of been, een afhangende mondhoek en onduidelijke spraak. Als de patiënt snel in het ziekenhuis is, kan hij of zij in aanmerking komen voor trombolyse, een behandeling waarbij een bloedverdunner wordt toegediend zodat het stolsel oplost en de hersenen weer zuurstof krijgen.
  • Als een bloedvat in de benen afgesloten raakt, wordt de voet of het been wit en koud en kan een teen of de voet afsterven. Het kan dan nodig zijn dit deel af te zetten (amputeren).

 
Bel direct 112 bij verschijnselen van een hartinfarct , CVA of bij een plotseling pijnlijk wit, koud been. 

Wanneer loopt u risico op hart- en vaatziekten?

Voordat er klachten ontstaan, is er vaak al jaren sprake van slagaderverkalking. Risicofactoren voor het ontstaan en verergeren van slagaderverkalking zijn roken, verhoogde bloeddruk, diabetes, een verhoogd cholesterolgehalte, overgewicht, ongezonde voeding en te weinig lichaamsbeweging. Met name ook leeftijd is een risicofactor: elk jaar dat u ouder wordt, neemt uw risico op hart- en vaatziekten toe. Verder hebben mannen meer kans om op jongere leeftijd hart- en vaatziekten te krijgen dan vrouwen. Tot slot spelen erfelijke factoren een rol: als uw vader, moeder, broer of zus een hart- en vaatziekte heeft gekregen op een leeftijd jonger dan 65 jaar, dan heeft u een grotere kans op hart- en vaatziekten dan iemand die niet erfelijk belast is.

Van de Nederlandse bevolking tussen de 20 en 60 jaar heeft ongeveer 1 op de 8 mensen een verhoogd cholesterolgehalte, 1 op de 5 heeft een verhoogde bloeddruk.

Risicotest

Voor mensen vanaf 30 jaar is er nu Testuwrisico.nl. Hier kunt u testen wat uw kans is om diabetes, hart- en vaatziekten of nierschade te krijgen. Als die kans verhoogd is, is er wat aan te doen, zoals gezonder leven of medicijnen. U krijgt na het invullen van de test een advies voor uw situatie. Een advies kan zijn om een afspraak met uw huisarts te maken voor het zogenaamde Preventieconsult. Met uw huisarts kunt u uw (verhoogde) risico dan nader bepalen en zo nodig uw leefstijl aanpassen of medicijnen overwegen. Niet alle huisartsen bieden het Preventieconsult aan. Sommige huisartsen nodigen patiënten actief uit. Maar ook als u niet bent uitgenodigd, kunt u de test doen.

Ter bepaling van uw risico, kijkt u op:
www.scoremeter.nl
www.hartstichting.nl

Als u dat wilt kunt u ook een afspraak maken met de huisarts of praktijkondersteuner hart-vaatziekten in uw huisartsenpraktijk om uw risico te laten bepalen.